Op 10 mei 1940 om acht uur ’s morgens kreeg burgemeester IJzerman van Wageningen een telegram van generaal Sillevis met de volgende inhoud: ”Burgerbevolking afvoeren, onmiddellijk inschepen”. Als evacuatielocaties voor Wageningen waren de Zuid-Hollandse gemeenten Zwijndrecht, Ridderkerk en IJsselmonde aangewezen. De gemeente had de evacuatieplannen in een vroeg stadium al goed uitgewerkt.
Het evacueren van de bevolking vond plaats met schepen over de Rijn. Wageningen was verdeeld in 33 wijken. In de haven lagen 31 schepen gereed voor de totale bevolking van ruim 12.000 inwoners. In elk schip werden ruim 400 personen uit eenzelfde wijk ondergebracht. Als laatsten werden doktoren, verplegend personeel, priesters en predikanten over de schepen verdeeld.
Een ooggetuigenverslag van mevrouw J.J. van Dodewaard-Rijksen:
“Een dan komt de officiële oproep: evacueren! Om 12.00 uur verzamelen bij het blokhoofd. Het is zover! Vader zet het kippenhok open en laat de konijnen vrij in het gras. Ze moeten zichzelf nu maar redden. Och, en de poes! Ook maar naar buiten. We kunnen je niet meenemen beestje. Het ga je goed! Dan kleden we ons aan en binden de bagage op onze rug. Nog een klein koffertje en handtassen. Mijn zus en ik stoppen nog gauw wat dierbare foto’s in onze tas, en dan gaan we. We kijken nog een keer om.
Steeds meer mensen sluiten zich aan en scharen zich achter het opgeheven bord met ons groepsnummer. Tot de groep van ongeveer 50 personen voltallig is en achter het blokhoofd aan via de stad naar de haven trekt. In de Hoogstraat zijn de bewoners nog thuis. Ze staren ons meewarig aan, wetende dat zij straks ook aan de beurt komen. Er ligt veel glas op de trottoirs. Militairen laten met springladingen bomen over de weg vallen, als versperring voor de vijand. De winkelruiten sneuvelen bij de ontploffingen. Winkeliers halen hun etalages leeg, en delen allerlei etenswaren uit aan de langs trekkende mensen.”
’s Middags om vier vertrokken de eerste schepen, getrokken door sleepboten. Sommige vaartuigen waren niet of onvoldoende schoongemaakt, waardoor de vorige scheepsladingen van cement en kolen de Wageningers bij aankomst verdeelden in ‘witten en zwarten’. Belangrijker dan dat kleurtje was de tijdige aftocht, want toen de laatste schepen rond zes uur langs Rhenen voeren, werden in het gebied bij Wageningen al bommen gegooid.