De streek rond Bagni di Lucca speelde tijdens de oorlog een belangrijke rol in Toscane: het lag vlak achter de frontlinie, die medio juli 1944 langs de rivier de Arno liep, en in de buurt van de Gotische Lijn, waar de nazi’s zich na september hadden verschanst.
Tijdens de zomer voerden partizanengroepen hun aanvallen op de bezetters op. Verschillende detachementen van het Nationaal Bevrijdingsleger XI Zone (Esercito di Liberazione Nazionale XI Zona) waren hier actief onder het bevel van Manrico Ducceschi. De Duitse troepen reageerden met invallen en executies.
Op 14 juli voerden enkele eenheden van de Wehrmacht (de verenigde strijdkrachten van nazi-Duitsland) een razzia uit in het dorp Montefegatesi. Ongeveer 100 mannen werden op het centrale plein bijeen gedreven; drie van hen, partizanen, werden op basis van de getuigenissen van enkele spionnen gedood. Op 18 juli werd het merendeel van de opgepakte personen naar het noorden overgebracht en gedwongen te werken aan de aanleg en versterking van de Gotische Lijn. Nog eens dertien mannen, die als partizanen waren geïdentificeerd, werden vermoord: acht in Ponte a Serraglio en vijf in Fegana
In Ponte a Serraglio werd op de begraafplaats, op de plek van de executie, een monument opgericht ter nagedachtenis aan de acht partizanen. Op de muur naast het monument zijn acht rechthoekige marmeren plaquettes aangebracht. Op elk daarvan staan de voor- en achternaam van een gesneuvelde partizaan, samen met hun persoonlijke gegevens. In drie gevallen is ook hun militaire rang vermeld.